Zie de Mensch gaat over het leren van Tjeenk Willink. Herman Diederik Tjeenk Willink. Bij vele kabinetsformaties komt hij voorbij. Zo ook in de crisis van 2021. Maar als we naar zijn rapport kijken en naar de speech in de tweede kamer luisteren dan zie ik iemand waar heel politiek Nederland van kan leren. Daarom verdiepte ik me in de mens Herman Diederik, in de boodschap en zette voor mezelf op een rij wat ik kon leren van Herman Diederik (verder HDTW, ook omdat hij een fenomeen is). Beste confronterend voor een spreadsheetgebruiker..

Belangrijkste boodschap

Ik begin dit keer met de belangrijkste boodschap. In de kamer stelde HDTW: ‘Zoals de overheid zich meestal onvoldoende realiseert van burgers afhankelijk te zijn, zo realiseert de volksvertegenwoordiging zich onvoldoende van uitvoerende diensten afhankelijk te zijn. De geloofwaardigheid van de wetgeving die in de TK wordt vastgesteld en van het beleid wat hier wordt goedgekeurd is afhankelijk van de uitvoerbaarheid op de werkvloer en de effecten voor de burgers’. Dit is een belangrijke les voor politici. Ook in gemeenteraden. Dus ook voor mij. Deze blog is dan ook een reflectie op het functioneren van mezelf als politicus in de raad van Hoogeveen en de verhouding met Marthijn, Henk, Ria, Jasper, Agnes, Claudia, Gea, Marco en de anderen die in Hoogeveen zorg dragen voor de uitvoerbaarheid van beleid. Laten we hen in staat stellen ‘de mensch te zien’.

En mag als minister van staat en informateur mag hij zijn fiets binnen parkeren

HDTW

Het valt niet mee om veel aan de weet te komen over het (jonge) leven van de schrijver van de boodschap. HDTW is volgens de stamboom de derde Herman Diederik op een rij. De stamboom zit er als volgt uit:

  • Overgrootvader: Harmanus Petrus Tjeenk Willink (1821-1886), notaris
  • Grootvader: dr. Herman Diederik Tjeenk Willink (1870-1962), directeur H.B.S. te Semarang, directeur Middelbare Koloniale Landbouwschool te Deventer
  • Vader: dr. Herman Diederik Tjeenk Willink (1902), oud-directeur Gemeentelijke Energie en Waterleiding Bedrijven Amsterdam
  • HDTW zelf: mr. Herman Diederik Tjeenk Willink (1942), Minister van Staat en nog veel meer….

HDTW werd in 1942 geboren in Amsterdam en komt uit een vrijzinnig, progressief gezin. Hij heeft een jongere zuster en broer, die beiden nog leven. Zelf zegt hij met de nodige humor: “Mijn moeder was remonstrant, mijn vader hervormd, maar dat was niet heel belangrijk want de ontkerkelijking had bij ons thuis allang toegeslagen. Er waren bij ons in Deventer een katholieke en een protestantse banketbakker. De taartjes van de katholieke bakker waren beter. En hoewel katholiek toen nog wel enigszins problematisch was, gaf dat verschil bij verjaardagen de doorslag. ”

Zijn ouders hadden allebei gestudeerd. “Mijn moeder werkte, maar toen ze trouwde, werd ze ontslagen. Zo ging dat toen. Ze heeft vervolgens naast het huishouden altijd veel maatschappelijke taken vervuld: openbare bibliotheek, gezinsverzorging, schoolbesturen. Maar als wij thuiskwamen, zat ze met een pot thee op ons te wachten.”

Direct na de oorlog werden zijn ouders lid van de PvdA. “Zij waren zich bewust van hun bevoorrechte positie. Mijn tante, Martina Tjeenk Willink, zat sinds 1946 voor de PvdA in de Eerste Kamer. Ik ben mijn hele leven ook trouw gebleven aan het sociaaldemocratisch gedachtegoed.” Als middelbare scholier was HDTW al geïnteresseerd in het openbaar bestuur “Ik volgde vanaf de publieke tribune voor mijn plezier vergaderingen van de gemeenteraad.”

Bijzonder in de stamboom is ook HDTW dus zijn tante: Mr. Martina Tjeenk WIllink. Een van de weinig vrouwen in de eerste kamer in de periode naar de tweede wereld oorlog in de periode 1946 tot 1969. Ook voor de PvdA. Ook opgeleid in Leiden. En tante Martina was goede vriendin van Juliana. Die lijn zien we ook bij HDTW. We zouden kunnen zeggen dat deze Amsterdamse jongeman niet echt uit een arbeidersgezin komt, maar wel in een lijn van sociaaldemocraten staat. Goed opgeleide en koningsgezinde PvdA-ers.

Op de vraag wat het beste is wat hem is overkomen antwoord HDTW wel ‘Quintus Marck’. Na jarenlang de partner van HDTW te zijn geweest zijn ze uiteindelijk toch getrouwd. Ook Quintus heeft een achtergrond als jurist. Jarenlang was hij adviseur bij de KNB (de beroepsorganisatie van notarissen).

Twee belangrijke mensen in het leven van HDTW

Wijsheden zijn er genoeg te vinden in de interviews met HDTW. Zo wijst HDTW op het gevaar dat dreigt als je wereld kleiner wordt. “Ik wil me niet laten opsluiten in mijn eigen generatie. Een Chinese wijsheid die de door mij bewonderde Lilian Gonçalves (juriste en mensenrechtenactiviste, red.) mij ooit voorhield: een mens moet leven in drie generaties. Geïnteresseerd zijn en de moeite waard blijven voor de andere twee generaties. Daar gaat het om. Zeker als je geen kinderen hebt, zoals wij, moet je daar meer je best voor doen. Maar wij zijn gezegend met jongere mensen om ons heen. Zij doen dingen die wij op hun leeftijd vaak niet aandurfden. Ze delen de wereld niet in rechts of links in. Ze zijn vaak minder gericht op concurrentie, meer op samen doen bij nieuwe initiatieven. Velen zetten zich bijvoorbeeld in voor het klimaat. Daarvoor interesse tonen is meer dan de moeite waard. Het stemt positief.”

Politieke loopbaan

HDTW studeerde Rechtsgeleerdheid in Leiden en Parijs. Tjeenk Willink was lid van de Leidse studenten-vereniging Minerva (ook recent bekend als de studentenvereniging van Wopke H.) en werd tijdens zijn studententijd de eerste direct gekozen voorzitter van de Leidse Studenten Raad. Na zijn afstuderen ging hij aanvankelijk werken als wetenschappelijk medewerker aan de universiteit Leiden. In 1970 kwam hij als adjunct-secretaris van de ministerraad in de politiek terecht.

Met Rutte 4 kun je zeggen dat HDTW al vier keer bij droeg, als informateur, aan de vorming van een kabinet. In 1972/73 en 1977 droeg hij als notulist en secretaris bij aan de kabinetten Den Uyl en Van Agt I. Makkelijk was het bijna nooit. In 1994 hielp hij in twee etappes het eerste kabinet-Kok naar het bordes en zestien jaar later het eerste kabinet-Rutte. Tussendoor lijmde hij in 1999 de scherven van het tweede kabinet-Kok na de ‘nacht van Wiegel’. In 2017 was hij er weer, om het derde kabinet-Rutte van de grond te krijgen. En nu staat het hij ‘uit armoede’ aan de basis van Rutte 4.

Waarschuwingen 

HDTW waarschuwde de politiek al veel eerder dan afgelopen donderdag. Zo schreef hij het boekje (118 pagina’s) ‘Groter denken, kleiner doen’.

Groter denken, kleiner doen, gericht aan politici, toezichthouders, zorgaanbieders en verzekeraars. Het wordt tijd dat zij zich achter de uitvoerders van het werk scharen en hun niet langer belemmeren in hun werk.

Twee jaar geleden waarschuwde hij in interview met de Correspondent (zie bronvermelding voor originele tekst) voor de uitholling van onze democratie. En gaf een voorzet voor een oplossing. Het besef dat die visie zo gek nog niet is, dringt langzaam door schrijft dit collectief. In Den Haag wordt zijn verhaal weliswaar afgedaan als te abstract, maar bij de professionals in het land vindt zijn boodschap wél weerklank: rechters, dokters, politiemensen, zorgmedewerkers en docenten, ze hebben het gevoel dat er eindelijk iemand is die hen begrijpt.  In dat laatste boek is de centrale stelling: ‘De overheid zien als een bedrijf, met producten en klanten, kosten en opbrengsten – ook wel: bv Nederland – betekent uiteindelijk het failliet van de democratische rechtsorde.’ Tjeenk Willink heeft zich hier vanaf het begin van deze ontwikkeling, in de tweede helft van de jaren tachtig, tegen verzet.

Het ging mis met de ontzuiling, denkt HDTW. Die voelde als een bevrijding en werd met gejuich onthaald. Wat intussen niet werd gezien, is dat het zuilenstelsel ook een organisch systeem was met vele verbindingen. Met de ontzuiling viel er een gat – het ‘burgerschap’ als publiek ambt viel grotendeels weg, met alle consequenties van dien. Met de ontzuiling viel het ‘burgerschap’ als publiek ambt grotendeels weg, met alle consequenties van dien

In onze rechtsstaat behoort er een scheiding van machten te zijn; de wetgevende, uitvoerende en rechterlijke machten zouden autonoom te werk moeten gaan en daarmee in evenwicht zijn. Wanneer de overheid door middel van management en bestuur ingrijpt in de wetgevende macht, raakt dat evenwicht verstoord. Zo benoemt de minister de presidenten van gerechtshoven, met managers in die hoge functies in plaats van vakmensen. Het is maar een van vele voorbeelden. Voor huisartsen, politieagenten, verplegend personeel, docenten gelden vergelijkbare problemen.

Het fundamentele probleem is volgens HDTW dat de publieke sector een bedrijf lijkt te zijn geworden. De overheid als bv, geleid door economen en bedrijfskundigen. Een overheid als een bedrijf met de verschrikkelijke call center-mentaliteit. Het digitale kastje naar de muur. Over deze stelling moet nog maar eens goed nadenken. Ondernemend denken en bedrijfsmatig handelen zijn voor mij geen vieze woorden….maar als, zoals HDTW zegt het besef van de democratische rechtsorde in die kringen is zoekgeraakt….dan gaat het goed mis. Er mag geen minimalistische opvatting van wat democratie nu precies is bestaan. Zo van de  stemmen worden bij de verkiezingen geteld, de partij die wint krijgt het voor het zeggen. Dat is puur de macht van het getal: als het spreadsheet maar klopt.

Maar de spreadsheetpolitiek staat haaks op democratie als normatief en inclusief concept. We hebben afspraken gemaakt over hoe we met elkaar omgaan, over hoe we conflicten vreedzaam oplossen en dat we gematigdheid betrachten. Iedereen zou mee moeten tellen. Vanuit die visie is het tamelijk onbegrijpelijk dat in zo’n rijk land als Nederland grote verschillen kunnen bestaan wat betreft de toegankelijkheid van hulpbronnen, of werk, opleiding en leefomgeving. De kwaliteit van de democratie is nog steeds ‘hoe wordt omgegaan met de mening van de minderheid’.

De weg terug vraagt uithoudingsvermogen en veel debat, aldus HDTW. Het gaat niet van de politici komen, die zijn onderdeel van het systeem. Een cruciale rol is in zijn ogen weggelegd voor ‘openbaar burgerschap’. Hij is hier heel duidelijk over: het zijn professionals die die rol op zich zouden moeten nemen – van de lasser tot de huisarts. Hoe?

Door in verzet te komen tegen alle regels en modellen (herkenbaar bij Pieter O.) die hun professionaliteit schaden. Door opnieuw fundamentele vragen te stellen, die eigenlijk gesteld hadden moeten worden ten tijde van de ontzuiling. Wat houdt mijn professionaliteit in? Wat is mijn functie? Wat betekent het om dokter te zijn, of rechter? Wat is de waarde van bureaucratie?

En ook: door naar elkaar te kijken. Hoe doen de anderen het? Formuleer zo precies mogelijk wat het probleem is. Voer de druk op van buitenaf. En deel de successen.

Ontzuiling

Iets wat mij als duidelijk lid van de ‘voormalige ARP-zuil’ bezig houdt is HDTW zijn opvatting over ontzuiling. HDTW zegt daar over: De impact van de ontzuiling is eerder beschreven door Job Cohen in de Multatuli-lezing in 2005 , waarbij hij James Kennedy, hoogleraar Nieuwste Geschiedenis aan de UvA aanhaalt . De ontzuiling (sinds de jaren ‘60) werd door de meeste Nederlanders ervaren als een bevrijding van ouderwetse ketens, ongeacht of je uit de zuil van de Socialisten, de Liberalen, de Protestanten of de Katholieken kwam. De zuilen hebben echter ook gezorgd voor drie eeuwen van vrijheidstraditie, want de Nederlander voelde zich geborgd in zijn zuil. Het was in die tijd gewoon dat je weinig te maken had met mensen uit een andere zuil. Elke zuil zorgde voor eigen scholen, eigen sportverenigingen, eigen verzorgingshuizen, maar ook voor eigen woorden en gewoonten. Geen van de zuilen was in staat de meerderheid te verkrijgen in de Nederlandse maatschappij, zodat de leiders van de zuilen gewend waren compromissen te sluiten (het poldermodel). Respect voor de andere zuil en diens opvattingen was daarbij essentieel, want zo verkreeg je van anderen ook respect voor je eigen tradities. Dit beginsel is de kern van de vrijheid in denken en doen en daarmee van de beroemde tolerantie in Nederland. Vanwege deze achtergrond heeft Nederland historisch zo’n hoge acceptatie voor minderheden. Met de ontzuiling werkt dit mechanisme van tolerantie niet meer automatisch. Daarom roept HDTW ons op de democratische ordening te bewaken, individueel en collectief, door onze stem te verheffen als we deze vrijheid in denken en handelen willen behouden. Door de ontzuiling is er sinds de jaren ‘90 een meerderheid ontstaan van blanke, seculiere, economisch liberaal denkende en relatief goed opgeleide Nederlanders. Deze Nederlanders zijn hun binding (het geborgde gevoel) van de zuil kwijt, hebben niet automatisch geleerd om andere tradities te respecteren en vormen met elkaar een meerderheid. Ineens ontstaat er in Nederland een zoektocht naar dé Nederlandse cultuur. Om Koningin Màxima in mijn eigen woorden aan te halen: ‘dé Nederlandse cultuur bestaat niet, behalve dat je een kaakje bij de koffie krijgt’. Het gevolg is dat sommige mensen zich niet meer gerespecteerd voelen, zich niet meer gehoord voelen en dit onprettige gevoel afwentelen op ‘anderen’. Die ‘anderen’ zijn de moslims die al generaties in Nederland wonen, dat zijn de ambtenaren in Brussel, dat is de elite in grote bedrijven en ook de migranten die aan de grens staan etc. Deze onrustige gevoelens zijn niet alleen aanwezig bij minder goed opgeleide mensen, zoals in de media geschreven wordt over de Gele Hesjes in Frankrijk. Het is ook de tweespalt tussen gematigde (politieke) partijen en de meer radicale groepen (links en rechts), die de aandacht naar zich trekken met one-liners en zwart-wit boodschappen. De reacties op dit onprettige gevoel versterken de verwaarlozing van de democratische waarden. De ontwikkeling van ontzuiling naar bubbels is dus gevaarlijk!

Trias Politica

In de toeslagenaffaire en dus ook in het werk bij deze informatie gaat het over de trais politica. HDTW roept het uit: Zonder onafhankelijke rechters geen democratie!  Al in ‘Groter denken, klein doen’ legt HDTW haarfijn de vinger op de zere plek door de invulling van de Trias Politica onder het vergrootglas te leggen. En dat heeft hij afgelopen week in de 2de kamer herhaald.

Volgens hem zien de politici (de wetgevende macht) de burgers als klanten, die eens in de vier jaar mogen kiezen en daarna geldt het primaat van de politiek. Dit suggereert dat het primaat gelijkstaat aan de eenzijdige machtsuitoefening door de politici, maar het echte primaat gaat niet over macht maar over hun verantwoordelijkheid voor de democratische rechtsorde! De politiek zou dus de gelijke verdeling van de drie machten moeten koesteren. De rechter is het voornaamste tegenwicht van bestuur en politiek in de trias politica. Het is veel te eenzijdig om te denken dat de rechters alleen conflicten beslechten (rechtssprekende taak). De rechters doen ook aan een rechtsvindende taak, bijvoorbeeld als nationale, lokale en Europese regelgeving niet afdoende op elkaar aansluiten. De rechter mag en moet dan de letter van de wet interpreteren. De rechter doet ook aan rechtsvorming bij situaties waar de wetgever nog geen rekening heeft gehouden. Tot slot bewaakt een rechter de democratische rechtsorde met waarden en normen, bijvoorbeeld door de publieke ophef bij een ernstig delict mee te wegen in de strafmaat. Om al deze belangrijke taken uit te kunnen voeren hebben rechters tijd nodig; tijd voor reflectie. Dat botst met het hedendaagse – bedrijfskundige – management denken van efficiënt conflicten oplossen. De rechterlijke macht is geen productiebedrijf! HDTW pleit ervoor dat rechters (en advocaten) hun stem laten horen, bijvoorbeeld over de functie van de rechterlijke macht in de democratie. Ook andere groepen in Nederland moeten zich laten horen. Zo moeten burgers aandacht vragen voor de belemmeringen die zij ondervinden bij burgerparticipatie. Een ander voorbeeld is dat de professionals (zoals docenten, verzorgers, ambtenaren) het publieke debat moeten aangaan over de regels die hun werk belemmeren. Deze regels komen van het bestuur en de politiek, maar moeten door de professionals worden uitgevoerd. En zo zijn we weer bij de speech in de tweede kamer van afgelopen donderdag. Regels moeten worden uitgevoerd.

Wat kunnen we doen in Hoogeveen?

HDTW noemt zijn boekje een oproep, want hij vindt dat elke Nederlander een bijdrage kan leveren aan de bewaking van onze democratische principes. Dat moet ons in Hoogeveen ook enthousiast maken, want de democratische rechtsorde staat permanent ter discussie. De bestuurders en de toezichthouders bij maatschappelijke ondernemingen zijn de belangrijke leiders bij de bewaking van onze democratische beginselen. Of je nu jonge mensen onderwijst of zwakken en zieken verzorgt of mensen met een kleine portemonnee huisvest: ze hebben allemaal competente, integere en inspirerende leiders nodig, die respect hebben voor minderheden en onze normen en waarden bewaken. Gelukkig kunt u daar aan bijdragen. Zelfs door dat in de politiek te doen. Partijen zoeken mensen met oog voor de Mensch in de gemeenteraad. Geef u op….U kunt via partijen of via een actieve rol echt betrokken zijn bij politieke beslissingen, dan is de politiek geworteld in de samenleving.

HDTW ziet een publieke ruimte waar weinig plek is voor de burger, maar des te meer voor de staat en de commercie, en voor het denken in termen van winst. Maar burgers, zo schrijft hij, zijn geen klanten. De gemeente Hoogeveen kan niet gemanaged worden zoals een bedrijf. Flinke spiegel voor mij als ondernemer, manager, accountant….Concurreren en consumeren gaan moeilijk samen met samenwerking en solidariteit zo stelt HDTW. Een krachtige burgersamenleving is geen instrument in handen van de overheid. Zij mag die burgersamenleving niet naar believen gebruiken om bijvoorbeeld de jeugdzorg goedkoper te maken door taken dwingend aan ons op te leggen. Daar is maatschappelijk draagvlak voor nodig, HDTW noemt het maatschappelijke democratie. De actie om de stakeholders bij bijvoorbeeld de jeugdzorgproblematiek te betrekken mag je in dat licht zien.

En die maatschappelijke democratie krijg je niet van de grond met slechts een wijziging van het kiesstelsel hier of de invoering van een referendum daar. Daarmee hekelt HDTW de commissies die zich in het verleden reeds hebben gebogen over ons staatsbestel. Ook hekelt hij initiatieven als de G1000, een soort burgerforum, zijn volgens hem te veel gericht op mensen die toch al mee weten te praten, maar zelden op de burgers die zich in de steek gelaten en niet vertegenwoordigd voelen. Zeg maar, de gele hesjes.

Hoe die verbinding met deze burgers wél moet worden gelegd, daarvoor heeft HDTW helaas geen pasklaar antwoord, wel de dwingende oproep daarover beter na te denken. Zelf zie ik het als een goede gedachte om gewoon zichtbaar, bereikbaar en aanspreekbaar te zijn. Zelfs tegen alle afbrandberichten op FB, Twitter en dergelijke in. Want het is de verwaarlozing van deze maatschappelijke democratie waarin volgens HDTW een groot gevaar schuilt.  De oproep die HDTW doet is die om je te verzetten en je stem te verheffen. Want in een democratie gaat het om tegenspraak, tegenwicht en tegenmacht. Niet met grootspraak of veel lawaai zonder inhoud. Die stem verheffen kan klein beginnen.  Daarvoor haalde HDTW vaak een gedicht van Remco Campert aan: ‘Dat verzet begint niet met grote woorden, maar met kleine daden… jezelf een vraag stellen daarmee begint verzet en dan die vraag aan een ander stellen.’ Mooi in dat gedicht vind ik wel dat HDTW via Campert stelt: ‘jezelf een vraag stellen’…het begint bij zelf nadenken en zelf je vragen stellen. Dus niet met wijzen naar de ander, maar jezelf bevragen.

Trias localica

Natuurlijk is er de trias politica en is dat vooral op landelijk niveau gericht, maar wat doen we er mee op lokaal niveau? Kunnen we spreken van voldoende ‘tegenmacht’ op lokaal niveau? Is er een goede Trias Localica…? Denk trouwens niet dat dit begrip bestaat….

Besturen ligt bij het college van B&W, uitvoeren bij de ambtelijke staf onder aanvoering van de gemeentesecretaris (misschien moeten we deze geen directeur meer noemen na analogie van HDTW zijn opmerking rondom ‘overheid is geen bedrijf’). De kaderstellende taak ligt bij de raad. In die zin is de raad lokaal de wetgevende macht. De raad bepaald bijvoorbeeld wat het minimabeleid, sportbeleid, onderwijshuisvestigingsbeleid, etc. voor Hoogeveen is. Een trias politica op lokaal niveau. In lijn met HDTW zijn betogen moeten we echter in die driehoek blijven werken. Dus dient de kaderstellende macht, de raad, goed in contact te staan met de uitvoerende macht. Ambtenaren en raadsleden moeten elkaar opzoeken. Zeker omdat naast de rechter, de ombudsman, de cliëntenraad, de adviesraad, de wijkvereniging, dorpsbelangen, ook de raad direct in contact moet staan met de burgers. In de tijd van stevige zuilen was dat makkelijker dan nu, dus dienen we elkaar te zoeken. De lijn dat een raadslid bij de uitvoerende macht een vraag mag stellen, mag nooit doorbroken worden. Dat de ambtenaar het college daar bij betrekt is uitstekend, maar we moeten blijven werken (communiceren) in de driehoek!

De relatie raadslid – burger kan het meeste inhoud krijgen door elkaar te vinden in een politieke partij. Niet exclusief binnen partijverbanden, maar dat werkt wel sneller en vanuit verbondenheid. Wilt u sturen, wilt u zich ergens tegen verzetten, zorg er dan voor dat u bij een partij komt. Posters plakken op gemeentehuis, snorren tekenen op verkiezingsposters, FB-berichten posten om zonder veel argumenten verzet aan te tekenen en bij tegenvraag stil te blijven of in gele hesjes over straat lopen….allemaal weinig vruchtbaar. Sluit u aan bij een partij of zelfs richt een partij op! Dan wordt u gehoord.

Tweede kamer of gemeenteraad begin bij jezelf

Naast dat politiek de menselijke maat moet meenemen in beoordelen van regels en met name bij de uitvoerbaarheid van regels, moet raden ook beginnen zelf taken op te pakken zo wordt door HDTW gesteld. Daar moet zij tijd voor maken en ze moet stoppen met incident gedreven politiek bedrijven. Futiliteiten voeren vaak de boventoon en de media is van grote invloed. En het te pas en te onpas gooien met moties van wantrouwen zorgt er voor dat het gereedschap van de politicus bot wordt. Inflatie van deze wapens is in Den Haag en in Hoogeveen groot geweest.

Zelf kan een raad veel doen. Niet steeds wijzen naar de wethouder en zeggen ‘wilt u dat en dat gaan doen’, maar zelf onderzoek doen. Of eventueel laten doen. Dit is daarmee ook een pleidooi voor meer geld voor de RKC. Niet alles via het college laten lopen. Vraag eens een second opinion op. CDA Hoogeveen heeft ingestemd met het RKC-onderzoek naar de IJZ-combi. Gelukkig wel, maar dat lag natuurlijk zwaar op de maag. Het zorgde wel voor tegenkracht en tegengeluid. De bubbel van de ‘wij willen IJZ’ werd hardhandig doorgeprikt en de motie ‘duidelijkheid IJZ’ zorgde voor harde kaders. Naast de RKC zijn er meer voorbeelden (bron: betrouwbare bronnen 191) dat een politiek orgaan zelf taken kan (moet) oppakken:

  • Methode Duisenberg in de tweede kamer en in sommige gemeenteraden. Helaas in Hoogeveen niet gelukt.
  • Studiedienst van de Bundesstag in Duitsland. Een hoogwaardig studieorgaan die zaken voor politici uitzoekt en hen veel minder afhankelijk maakt van regeringen.
  • EU-rapporteurs in de Europese raad. Iemand wordt op een dossier gezet en rapporteert aan de gehele raad.
  • USA: Congressional Budget office. Financieel specialisten die helpen bij (financieel-economische) vraagstukken.

Met al deze voorbeelden kunnen wij in Hoogeveen ook aan de slag:

  • Duisenberg lokaal is al eens uitgewerkt. Wellicht nogmaals kijken of we daar de Hoogeveense variant van kunnen maken vanaf boekjaar 2022….
  • Studiedienst, kan de RKC zijn.  Die hebben dan wel wat meer capaciteit nodig.
  • Rapporteurs, dat kunnen juist goed gebruiken bij thema’s of bij GR-en. Direct mee beginnen in 2022 zou ik zeggen.
  • Budget office zou de raadscommissie financiën tegenwoordig de auditcommissie (AC) moeten zijn. Misschien aangevuld met financiele kennis van buiten de trias localica.

En het zijn allemaal oplossingen zonder politieke kleur!

In de stad New York hebben ze telefoonnummer 311. Daar kun je naar toe bellen als je een kwestie met de gemeente NY hebt. Lijkt op 1-loket-overheid wat Pieter Omtzigt per motie heeft proberen te realiseren. Dat lijkt een mooi begin. Net als Rutte die een tussenclub met 100-150 ambitieuze ambtenaren wil creëren die problemen gaan oplossen of aankaarten. Dat geeft wel een gevoel van een nieuwe ambtelijke laag. En dat terwijl we, als politiek, fundamenteel in de reguliere ambtelijke laag ruimte moeten bieden om de Mensch te zien. De mens die gewoon met een vraag of met verzet zijn of haar raadslid moet kunnen bellen. “Zie de mensch”, waar heb ik dat meer gehoord?

En (Pilatus) zeide tot hen: Zie, de mens!’  Ecce HomoCaravaggio, 1605

Bronvermelding:

191 – Kabinetsformatie 2021: Hoe krijgen we de balans terug in de trias politica? De Kamer kan zelf al heel veel doen! (art19.com)

Herman Tjeenk Willink: Nederland wordt geregeerd door spreadsheets. Zó winnen we onze democratie terug – De Correspondent

De Haagse week: Tjeenk Willink nodigde wél de oppersocioloog uit, maar níet de oppereconoom (frieschdagblad.nl)

Herman Tjeenk Willink: ‘De vraag is niet óf Europa nodig is, maar wélk Europa’ (video) (denhaagcentraal.net)

Tjeenk Willink in nieuw boek: Het herstel van hun functie in de publieke sector moet komen van de professionals zelf – Stichting Beroepseer